Overslaan en naar inhoud gaan

Coalitieakkoord: kansen voor innovatie, maar bestaanszekerheid is het fundament

Overig nieuws
Gepubliceerd op:

De drie partijen die samen de minderheidscoalitie vormen, hebben een akkoord bereikt. Ik zie veelbelovende plannen voor defensie, stikstof, netcongestie, energietransitie, investeringen én Europa. Die koers biedt perspectief: een sterkere economie, meer ruimte voor innovatieve technologie en investeringen in onze industrie. Ontwikkelingen waar veel van onze werkgevers én deelnemers in de hightech- en maakindustrie dagelijks aan bijdragen.

Zekerheid als motor voor de vooruitgang

Tegelijkertijd vraagt een bloeiende economie om een stevig fundament. Onze deelnemers zorgen dagelijks voor innovatie op de werkvloer, maar kunnen dat alleen doen als ze thuis financiële zekerheid ervaren. Vertrouwen in sociale voorzieningen is onmisbaar. Juist in tijden van grote transities is die bestaanszekerheid geen kostenpost, maar een voorwaarde voor vooruitgang. Pensioen, AOW en inkomen vormen die basis. Ik zie in dit akkoord gelukkig voldoende aanknopingspunten omaan de slag te gaan, maar er zijn ook onderwerpen die om grote zorgvuldigheid vragen. 

Koester de stabiliteit

De pensioensector zit midden in de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel. Veel fondsen zijn al over; PME volgt op 1 januari 2027. In deze fase is stabiliteit cruciaal. Toch raakt het coalitieakkoord het Pensioenakkoord op diverse onderdelen.

Denk aan het langjarig niet indexeren van het maximum pensioengevend loon, het versneld verhogen van de AOW-leeftijd, maar ook plannen rondom de WW en WIA. Mijn handreiking aan Den Haag is daarom: koester de stabiliteit. De overgang naar het nieuwe pensioenstelsel vraagt om een rustige vaarroute. Door nu rust te bieden op sociale dossiers, houden we draagvlak en kunnen mensen met vertrouwen naar de toekomst kijken.

Een toekomstbestendige economie binnen een sterk Europa

Enthousiast ben ik over de open houding naar Europa. Vrijwel alle economische en maatschappelijke uitdagingen – energie, veiligheid, innovatie, klimaat – stoppen niet bij de grens. We hebben een sterke Europese Unie nodig om concurrerend te blijven en onze veiligheid te waarborgen.  

Het nieuwe kabinet zet in op een sterke Nederlandse en Europese defensie-industrie om strategische afhankelijkheden te verkleinen, waarbij defensie terecht wordt verbonden met cyberweerbaarheid, energiezekerheid en industriële autonomie. Die brede blik op veiligheid en technologie sluit naadloos aan bij de hightech- en maakindustrie waar onze werkgevers en deelnemers dagelijks actief zijn. 

Ook de aanpak van stikstof en netcongestie biedt perspectief. Als het kabinet dit goed aanpakt, kunnen onze werkgevers bouwen, uitbreiden en verder verduurzamen. 

PME is het fonds van de toekomstmakers

Onze werkgevers en deelnemers werken aan de uitdagingen van vandaag én morgen. Innovatie en hightech spelen een grote rol in onze sector. Als fonds beleggen we daarom in onze eigen sector, specifiek gericht op innovatieve startups en scale-ups. De techniek, patenten en kennis die daar ontstaan zijn voor Nederland economisch van grote waarde. Daarom ben ik blij dat het kabinet inzet op een Nationale Investeringsinstelling (NII) en een Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie (NADI). Ook de terugkeer van het Groeifonds en de focus op het ondernemersklimaat zijn positieve signalen. Dit stelt onze sector in staat om te blijven doen waar we goed in zijn: de toekomst maken. 

Tot slot

Het coalitieakkoord biedt kansen én aandachtspunten. Als PME staan wij midden in de samenleving. We staan voor onze deelnemers die rekenen op zekerheid, en we zien de belangrijke rol van werkgevers die investeren in innovatie en werkgelegenheid. Die twee gaan hand in hand. 

Alae Laghrich, voorzitter uitvoerend bestuur